Woensdag 26 februari 2020

Betoog Gijs Degrande rond Meerjarenplan 2020-2025 op GR 19 de 2019

Geschreven door Gijs Degrande op 23-12-2019

Geachte voorzitter,

Beste collega’s,

Dames en heren,

 

We staan hier vandaag voor de misschien wel belangrijkste gemeenteraad van deze legislatuur. Vandaag beslissen we over het beleid en de centen voor de komende zes jaar.

Een jaar geleden werd N-VA uit het bestuur geduwd. Niet door de kiezer maar door CD&V, Sp.a en Groen, de politieke partijen die vandaag de meerderheid vormen. Een jaar geleden kwam de N-VA ondanks stevige zetelwinst tegen wil en dank op de oppositiebanken terecht en vandaag zijn we de enige partij die in de gemeenteraad met de nodige afstand en kritische zin het beleid moet benaderen en beoordelen. Deze verantwoordelijkheid gaan we niet uit de weg en nemen we heel serieus.

In de weken na de verkiezingen verklaarde de burgemeester in de pers over zijn politieke keuze voor een nieuwe meerderheid het volgende: "Ik weet dat N-VA daar ontgoocheld over is en ik begrijp dat ook. Maar ik vond dat het programma van sp.a-Groen nauwer aansloot bij dat van CD&V. Ik ben er echt van overtuigd dat we een nieuw hoofdstuk kunnen schrijven in Beernem. Het bestuursakkoord zal dat straks ook bewijzen.”

Vandaag is eindelijk het moment gekomen om dat programma, dat nieuw hoofdstuk te toetsen en te beoordelen. De kat komt op de koord. En het was een Amerikaanse vice-president die zei: ‘Don't tell me what you value, show me your budget, and I'll tell you what you value.’ ‘Vertel me niet wat je waardeert, laat me je budget zien en ik zal je vertellen wat je belangrijk vindt.’

Laat ons dat budget nu even bekijken en zoeken wat in dat nieuwe hoofdstuk te lezen valt en wat we daar uit kunnen leren.

[eerste vaststelling]

Een eerste vaststelling is dat de vorige legislatuur mét N-VA een stevige basis is gelegd waar vandaag op kan worden verder gewerkt. Heel wat plannen en projecten zijn de uitvoering van dossiers die we de vorige bestuursperiode samen op de rails hebben gezet. Dat sommige projecten meerdere bestuursperioden lopen, is natuurlijk ook logisch gelet op de doorlooptermijnen die bepaalde dossiers kennen. Of zoals Groen het in 2012 formuleerde: ‘Soms is het meerjarenplan wel heel erg vaag of vermeldt ze zaken die niet nieuw zijn, maar eigenlijk al lang gebeuren of lopende zijn.’

Zo wordt de komende jaren fors geïnvesteerd in riolering en fietspaden. Daarnaast zijn er de nieuwe lokalen voor Chiro Oostveld, het Huis van het Kind, de uitwerking van de bibliotheek of de vernieuwing van De Notelaar.

Er is de  visie die we samen op verschillende domeinen hebben ontwikkeld, zoals bijvoorbeeld de investeringen in rollend materieel, de aanpak van het groenbeheer of de begraafplaatsen.

Dan komen we bij de tweede vaststelling.  Op verschillende vlakken  worden beleidslijnen wel  verder gezet maar komen er geen nieuwe initiatieven. Integendeel, het ambitieniveau wordt verlaagd. Verschillende projecten die de voorbije jaren zijn opgestart of voorgesteld, worden zonder degelijke noch objectieve argumentatie afgevoerd.  Deze zomer was dat het geval met het cultureel zomerprogramma. Kleuterweelde wordt niet de groene site voor  onze jongeren en jeugdverenigingen. Er komt geen archief voor ons erfgoed en erfgoedverenigingen. Er komt geen vernieuwing van de BKO in de Beukendreef. 

Op vlak van lokale economie, cultuur en erfgoed wordt de lat een pak lager gelegd. Het actieplan voor de vernieuwing van jeugdlokalen wordt afgebouwd, er zijn minder middelen voor lokale economie en het uitgewerkt beoordelingskader voor erfgoed wordt wel zeer vrijblijvend ingevuld.

Waar zit  die verandering dan wel waar de burgemeester het in de weken na de verkiezingen over had?

Een derde vaststelling: Met de vorige bestuursploeg gaven we duidelijk een aanzet om een traject en langetermijnperspectief te bieden voor onze gemeente met onder meer een masterplan dat de gemeentelijke gebouwen en dienstverlening op elkaar afstemt of een grondige hertekening van de bestuursorganisatie en de integratie van OCMW en gemeentebestuur.  Dit is helaas niet het geval in dit meerjarenplan  . De opbouw van visie is opnieuw vervangen door een ad hoc aanpak op korte termijn. En dat is niet de richting die we uitmoeten.

In het meerjarenplan missen we een groter verhaal en algemene visie. Er is geen verhaal waar men met Beernem naar toe wil, niet op korte, middellange en niet op lange termijn. Het plan toont een aantal acties en doelstellingen, goede en minder goede, maar geeft niet aan in welke richting onze gemeente moet evolueren.

Zeer zeker, het plan bevat mooie en leuke acties maar deze blijken veeleer strooisuikermaatregelen dan echte hefbomen voor de toekomst. In dit meerjarenplan is er geen visie op open ruimte, geen visie op de bestuurlijke organisatie van het gemeentelijk apparaat, geen visie op het masterplan gemeentelijke gebouwen dat we de vorige legislatuur hebben opgesteld, geen visie of traject op vlak van digitalisering, geen visie op het kerkelijk patrimonium.  Daarom een dringende oproep: maak hier werk van.

[vierde vaststelling]

Vierde vaststelling: Nieuw zijn ook wat we zouden kunnen noemen, de vermeende veranderingen: veranderingen die als dusdanig worden voorgesteld maar eigenlijk geen verandering zijn.

Een mooi voorbeeld -en daar zijn we blij om – is de structurele financiering van het sociaal beleid. Na het drastisch optrekken van de bijdrage voor het sociaal beleid in 2013 hebben we met de N-VA de voorbije jaren de stijging consequent aangehouden met een gemiddelde stijging van 5,3% als resultaat. Het is goed dat deze ploeg de ambitie heeft om dat verder te zetten. Baanbrekend is de jaarlijkse stijging van 3% dus allerminst.

Enkele maatregelen dreigen door andere maatregelen worden teniet gedaan. Zoals de adviesraden terecht opmerkten, is het bijvoorbeeld onduidelijk hoe de 5000 euro extra subsidies voor cultuur niet teniet gedaan zullen worden door de verhoging van gebruikerstarieven voor de gemeenschapsvoorzieningen. Verder zien we ook heel wat aankondigingen en acties waar helemaal géén middelen voor voorzien zijn zoals het actieplan zwerfvuil of de plannen rond dierenwelzijn. Of er zijn te weinig middelen voorzien om de doelstelling op een realistische manier waar te maken. Denken we bijvoorbeeld aan de aangekondigde vervanging van het skatepark, de openbare toiletten of voor de renovatie van het oude zwembad. Net als de in het begin aangehaalde vice-president weet iedereen dat beleid voeren middelen vraagt. Koken kost geld. We zijn benieuwd waar die ontbrekenden middelen zullen gezocht en gevonden worden. Want anders dreigt het voor deze acties een sober maal te worden. 

Vermeende veranderingen zien we ook in de vele onderzoeken en studies die vermeld worden. Het valt te vrezen dat beloftes als de vernieuwing van het gemeenteplein, het jeugdhuis, de kindergemeenteraad of de aanpak van het zwaar verkeer in onze dorpskernen bij beloftes zullen blijven.

En dan kom ik bij misschien wel de belangrijkste koerswijziging, en vijfde vaststelling: deze meerderheid laat het spaarzaam beleid los. En we zijn helemaal akkoord met de stelling van Spa en Groen uit 2012 en ik citeer: “Een euro kun je maar één keer uitgeven. Sp.a en Groen kiezen voor een ander beleid, een beleid dat de burger niet opzadelt met torenhoge schulden, maar spaarzaam en verstandig met het geld van de burger omspringt. "Zaaien naar de zak", zoals veel Beernemnaars zouden zeggen.’

Op de commissievergadering  van vorige week is al duidelijk gebleken wie zaait en uit welke zak. Uit de zak van onze burgers.

De voorbije jaren kregen we met de N-VA door CD&V  vaak de zwarte piet toebedeeld. We werden afgeschilderd als moeilijke mensen of dwarsliggers omdat we wezen op de budgettaire consequenties van bepaalde beloftes of financieel niet uitgewerkte dossiers. Nu de N-VA weg is uit het bestuur, is meteen duidelijk wie de vorige legislatuur de vinger op de knip hield. En waarom dat nodig was en is. Wij staan inderdaad op de rem als de centen niet voorzien zijn of als de uitgaven niet te verantwoorden zijn. Dat verwacht de burger ook van een bestuur en dat verwachten zij terecht.

En opnieuw kan ik de Sp.a en Groen anno 2012 geen ongelijk geven: Wat ons wel verontrust is dat het nieuwe gemeentebestuur een belastingverhoging niet uitsluit, mocht de gemeente meer taken vanuit de hogere overheid naar zich toegeschoven krijgen. Beernem is nochtans al een stuk duurder dan het Vlaamse gemiddelde.’ Het kan verkeren.

 

Dames en heren,

Zoals we duidelijk hebben aangetoond in de commissievergadering over het meerjarenplan, en zoals we dat straks bij de voorliggende belastingverhogingen nog eens zullen doen, is het duidelijk dat de geplande belastingverhoging een bewuste keuze is.  Dit gebeurt niet uit noodzaak zoals de meerderheid gelooft of wil doen geloven. De argumentatie die  de meerderheid gebruikt, houdt geen steek . Er is geen enkele efficiëntieoefening in de exploitatie . Integendeel,  er wordt heel wat extra personeel aangeworven, er vallen geen noemenswaardige dividenden weg,  er werd door de N-VA al geanticipeerd op de federale taks shift,  dat geldt ook voor de uitgaven van de hulpverleningszone. Het  gemeentefonds blijft jaarlijks stijgen met 3,5%. Bovendien pompte de Vlaamse Regering Jambon  maar liefst 3 miljoen extra middelen in Beernem zodat zij haar taken als landelijk bestuur naar behoren zou kunnen vervullen.

Kortom, de aanzienlijke belastingverhoging is geen noodzaak maar wel een bewuste politieke keuze. Een keuze die de Beernemnaar, gezinnen en alleenstaanden,  ook zullen voelen. De aanvullende personenbelasting stijgt van 7,5 naar 7,8% en de opcentiemen op de onroerende voorheffing gaan van 945 naar 1080. Abstracte getallen die vertaald op de belastingsbrief al helemaal anders klinken. Jaarlijks zal de Beernemse belastingbetaler 300.000 euro extra moeten ophoesten aan onroerende voorheffing, aan grondlasten. En ook de Beernemse bedrijven en zelfstandigen zullen daarbovenop ook nog eens jaarlijks 300.000 euro extra onroerende voorheffing betalen. De stijging van de aanvullende personenbelasting haalt nog eens jaarlijks een kwart miljoen euro uit de zakken van de Beernemnaar. Concreet zal een gemiddeld Beernems gezin zo’n 140 euro per jaar extra belastingen betalen. Dat is 840 euro extra uit het gezinsbudget over zes jaar. 840 euro. Gemiddeld. Want voor de Beernemse middenklasser loopt dat snel op tot boven de 1000 euro extra belastingen. Een keuze die de burger treft, die ondernemers en landbouwers raakt, die de ongetwijfeld goed bedoelde inspanningen op vlak van sociaal beleid neutraliseert en remmend werkt op de private huurmarkt.

En ik kan begrijpen dat de meerderheidspartijen dit verhaal vervelend vinden en dit niet graag horen, dat de vinger op de wonde wordt gelegd maar de cijfers, de cijfers spreken voor zich. En die vertellen inderdaad geen fraai verhaal.

Natuurlijk is het een legitieme  keuze om extra inkomsten te halen bij de burger en niet bij de eigen structuren, bij de overheid. Een keuze die je zou kunnen verdedigen. Maar laat het duidelijk zijn: het is niet onze keuze, het is niet de keuze van de N-VA om zoveel extra belastingen te halen bij de mensen. Soms wordt gezegd dat partijkleur geen rol speel in de lokale politiek. Hier bewijzen we of beter, hier bewijzen CD&V, Sp.a en Groen, het tegendeel.

 

Dames en heren, collega’s,

‘The politician's promises of yesterday are the taxes of today’. In het mooi Nederlands:  ‘De beloftes die de politicus gisteren maakten, zijn de belastingen van vandaag.’ En daarmee komen we aan het sleuteldossier in deze begroting: het zwembad. De bouw van een nieuw zwembad is een politiek beladen dossier. En dat is jammer want dossiers van dergelijke omvang en impact worden beter in alle kalmte en objectiviteit bekeken.

We zijn het allemaal  eens dat het huidige zwembad helemaal op is. En iedereen wil ook een oplossing voor het zwembad. Iedereen deelt dezelfde doelstelling. Over de manier waarop we die doelstelling moeten realiseren, lopen de visies echter wel uiteen.

En de visie van de N-VA op dit vlak was van meet af aan duidelijk, helder en solide en is dat vandaag nog steeds. Ik geef ze graag nog eens mee:

1/ de N-VA wil een oplossing voor het zwembad. Hoe sneller, hoe beter. En ik wil dit toch nog eens onderstrepen. De N-VA wil zwemmen. De focus van het nieuwe zwembad moet volgens ons liggen op schoolzwemmen, zwemlessen en activiteiten van de sportclubs. 

2/ de N-VA wil  niet alleen een goed ontwerp maar ook een betaalbaar en realistisch businessplan. De N-VA wil zwemmen maar geen kopje ondergaan.  Een nieuw zwemcomplex is immers een miljoeneninvestering. Zo wordt de bouw van een nieuw Beernems zwembad begroot op 7.6  miljoen euro terwijl het onderhoud jaarlijks minstens 500 000 euro bedraagt. Eventuele meerprijzen bij de bouw of meerkosten op vlak van personeel of uitbating zijn hier zelfs nog niet meegerekend. En ook de kosten voor de herbestemming van het huidige zwembad  zijn nog niet in rekening gebracht. Daarnaast ook deze vergelijking:  het stadsbestuur van Brugge investeert de komende zes jaar in totaal 7.8 miljoen euro voor alle sportinfrastructuur en sportaanbod. Dat is evenveel als Beernem, maar de Bruggelingen zijn wel met 100.000 man meer om dat te betalen.

3/ het is  voor de N-VA niet meer dan logisch dat gebruikers van buiten de gemeente ook een duit in het zakje doen.  De N-VA wil zwemmen en wil dat samen met andere partners doen. De voorbije jaren hebben we daartoe in de Beernemse gemeenteraad en in het college verschillende oproepen gedaan. Helaas zonder resultaat.

En opmerkelijk is dat we hier vandaag alléén staan. Dat was nochtans ooit anders. De Beernemse Zwemclub maakte in 2018 een overzicht van de standpunten van de politieke partijen over de toekomst van het zwembad.  Op de vraag of samenwerking met buurgemeenten nodig was bij de bouw van een nieuw zwembad, antwoordden Sp.a en Groen even kort als duidelijk: natuurlijk. En in 2012 hanteerden beide partijen nog straffere taal. Ik citeer: ‘We vinden dat de gemeente de tering naar de nering moet zetten en dat in deze economische crisis waarbij steeds meer mensen het financieel moeilijk krijgen, de burger geen slachtoffer moet worden van de prestigeprojecten uit de vorige CD&V- legislatuur.“ Einde citaat. Ze hadden gelijk.

De manier waarop deze meerderheid het zwembaddossier doorduwt, baart ons grote zorgen. Natuurlijk moet er geïnvesteerd worden en natuurlijk moet er een oplossing voor het zwembad komen. Maar er zijn grenzen. Het dossier zorgt voor een verhoging van de belastingen, legt duidelijk een blok op andere investeringen en hangt als een zwaard van Damocles boven de begroting. Belofte maakt schuld en dat moeten we vanaf 2020 helaas letterlijk nemen.  De schuldenlast stijgt van 15 miljoen in 2019 onmiddellijk naar 20 miljoen in 2020 tot24,6 miljoen in 2025, een stijging met méér dan de helft, een stijging van maar liefst 54%.  Ongezien. Zonder aarzelen schuift de meerderheid de factuur door naar zij die na ons komen.

Daarom herhalen we nog eens onze oproep. Wacht niet. Wacht niet langer om partners te zoeken, om het financieel plaatje dragelijk en haalbaar te maken. Wacht niet langer en ga rond de tafel zitten. En dan denken we in de eerste plaats aan onze buurgemeente Oostkamp.

In hun meerjarenplanning voor de komende legislatuur staat letterlijk te lezen: ‘De mogelijkheden voor een nieuwe zwemaccomodatie in samenwerking met partners of intergemeentelijk worden bestudeerd.’ … ‘De mogelijkheden voor een nieuwe zwemaccomodatie in samenwerking met partners of inter-gemeentelijk worden bestudeerd.’ Duidelijker kan een oproep niet zijn. Welaan dan, wacht niet langer en neem de uitnodiging aan. Ga met jullie collega’s in Oostkamp in overleg. Ga samen zo snel mogelijk op zoek naar een goede samenwerkingsovereenkomst en bespreek de financieringsmogelijkheden. Wacht niet langer en laat deze unieke kans niet verloren gaan. Wacht niet langer, neem jullie verantwoordelijkheid en u kan voluit op onze steun rekenen.

 

Dames en heren,

Graag besluit ik mijn tussenkomst met enkele conclusies.

De voorbije jaren heeft Beernem zich ambitieus getoond. De verandering stond op de sporen en dat werd door vriend en vijand erkend. 75% van de Beernemnaren koos in oktober 2018 voor een verderzetting van het beleid. De N-VA stond klaar om de ingezette verandering door te trekken, vanaf dag één. Onze blauwdruk lag klaar.

Volgens burgemeester was echter een nieuwe ploeg nodig en die vond hij bij Spa en Groen. Nu we de cijfers hebben en de plannen zien, is duidelijk waaruit die koerswijziging bestaat. Het spaarzaam beleid wordt helemaal losgelaten. Op verschillende beleidsdomeinen wordt  het ambitieniveau teruggeschroefd .  Er is geen visie op lange termijn. De belastingen gaan onnodig  omhoog. Er wordt niet bespaard maar extra personeel aangeworven. De schuld stijgt met meer dan de helft. Met N-VA is ook de budgettaire zorgvuldigheid en waakzaamheid uit bestuur verdwenen. 

En de burgemeester had gelijk. Dat is inderdaad niet onze koers. Dat is niet het beleid waar wij met de N-VA voor staan. Beernem schuift naar links, tegen het signaal van de kiezer in.

De nieuwe meerderheid heeft allerlei beloftes gedaan zonder rekening te houden met de budgettaire consequenties. De komende generatie zal gegarandeerd de rekening gepresenteerd krijgen.  CD&V bestuurt opnieuw als quasi-absolute meerderheid, als vanouds en kan opnieuw haar zin doen. Zonder met die vervelende N-VA rekening te moeten houden. Die N-VA die steevast op de factuur voor de burger wijst.  En Groen en Spa zijn helaas niet in staat om genoeg tegenwicht te bieden. En dat is jammer, voor Groen en Spa, maar in de eerste plaats voor de Beernemnaar. En dat maakt deze begroting bijzonder duidelijk.

 

Stemverklaring – na debat

Wij wensen, wij kunnen deze begroting, niet goedkeuren. Dat had niemand verwacht maar de kritiek van mijn fractie op het beleid van deze meerderheid, en ook op deze begroting, is inderdaad fundamenteel. Mijn fractie steunt geen beleid en geen begroting die het leven van de modale Beernemnaar duurder maken terwijl dat, gelet op de ondersteuning van de Vlaamse Regering en mits wat moed en juiste keuzes, perfect vermijdbaar zou zijn.

We zien natuurlijk heel wat goede zaken. Zoals de investeringen in fietspaden, het rond punt aan de Beekstraat, de aankoop van het materiaal voor de technische dienst, de realisatie van de lokalen voor Chiro Oostveld, de inzet op trage wegen of bijvoorbeeld de extra aandacht voor speelpleintjes. In deze en andere goede dossiers mag u op onze steun rekenen.

Maar wij hebben ook fundamentele bezwaren:  de onnodige verhoging van de belastingen, het ontbreken van samenwerking met buurgemeenten of private partners bij de bouw van het zwembad, het lagere ambitieniveau op verschillende vlakken, de stijging van de openbare schuld of het afvoeren van het kant-en-klare dossier van de gemeenteschool. Dat maakt dat we dit meerjarenplan dan ook niet kunnen goedkeuren.