Woensdag 18 oktober 2017

Sport en centen...

Geschreven door Lode Vanneste op 05-09-2017

De zomervakantie en de zogeheten komkommertijd zijn achter de rug!  Juli en augustus zijn de maanden waarin heel wat politici en andere personen op vakantie zijn en waarin er bijgevolg weinig nieuws te melden is.  Toch staan er af en toe interessante artikels in de krant…  Midden augustus stond in het Nieuwsblad te lezen dat de gemeente Oostkamp de aanleg van een voetbalveld in kunstgras in Ruddervoorde voorziet.   Ook Hersberge krijgt in de volgende legislatuur vermoedelijk een eigen kunstgrasveld.  Oostkamp wil hiermee iets doen aan het nijpende tekort aan voetbalterreinen.
Ook in de Beernemse gemeenteraad is het thema voetbalvelden de voorbije legislatuur ter sprake komen.  Ondergetekende kaartte de voorbije jaren als raadslid de mindere staat aan van de velden in Oedelem en in Sint-Joris aan.  De terreinen in een perfecte staat houden is echter geen sinecure: aangezien een voetbalseizoen  start eind juli, worden de velden veel te vroeg bespeeld.  En aangezien voetbal ook in onze gemeente de populairste sport is, is de terreindruk het hele seizoen zeer hoog.

 


Is een kunstgrasveld daarom ook voor Beernem een optie? De voordelen ervan zijn in ieder geval  legio:  terwijl een gewoon veld 250 uur per seizoen kan bespeeld worden, is dat bij een kunstgrasveld onbeperkt.   1 kunstgrasveld heeft zo de capaciteit van vijf gewone voetbalvelden.  Daarnaast kan er onder gelijk welke weersomstandigheden optimaal gevoetbald worden, enkel bij sneeuw is voetballen niet mogelijk. Verder is er weinig of geen onderhoud nodig  en moet er ook  geen water gesproeid worden.  En om ook de groene burger te overtuigen: er moet geen onkruid bestreden worden met schadelijke pesticiden.
Niet iedere voetballer is even enthousiast over dit type veld:  kunstgras bestaat uit kunststof en dit veroorzaakt meer wrijving bij slidings.  Het risico op pijnlijke brandwonden is navenant. Daarnaast ontstond vorig jaar nogal wat twijfel over de mogelijke gevaren van kunstgras naar aanleiding van een televisie-reportage van het Nederlande Zembla .  De stoffen in de rubberkorrels van het kunstgras zouden mogelijk kankerverwekkend zijn voor jonge kinderen.  Vlaams Minister van Sport Muyters liet echter al snel weten dat de 63 kunstgrasvelden die de afgelopen jaren in Vlaanderen werden aangelegd, comform de Europese regels zijn en dat er geen aantoonbare bewijzen zijn dat sporten op dergelijke velden een gevaar zou zijn voor de gezondheid.  Het was trouwens diezelfde Muyters die ervoor zorgde dat er in de Brugse regio de voorbije  jaren verschillende kunstgrasvelden werden aangelegd.  We vinden ondertussen al in Torhout, Oostkamp, Assebroek, Dudzele, Sint-Kruis en Sint-Andries een synthetisch veld die bijna allemaal werden aangelegd met Vlaamse subsidies.
Net als in Oostkamp is ook in Beernem de  terreindruk zeer hoog . 

 

Zo is er het mooie verhaal van fusieploeg VVC Beernem.  De nieuwe vereniging promoveerde vorig seizoen naar tweede provinciale en begint in september  met een tweede fanionploeg die in vierde provinciale aantreedt.  De vereniging telt bovendien  bijna vierhonderd actieve spelers waardoor de nood aan voldoende terreinen hoog is.  Ook KFC Sint-Joris Sportief heeft de wind in de zeilen en  telt steeds meer voetballers in haar rangen.  De Lattenklievers zijn  vragende partij voor een verlichtingsinstallatie op het eerste veld zodat dit terrein ook ’s avonds kan gebruikt worden.  Tenslotte is er amateurploeg Excelsior Beernem die dit seizoen  voor haar thuiswedstrijden noodgedwongen dient te verhuizen naar de terreinen van Hogerop Oedelem.

 

Toch zijn  een synthetisch veld en een mogelijke verlichtingsinstallatie voor Sint-Joris Sportief niet voor morgen en zeker niet voor deze politieke legislatuur.  De reden is eenvoudig:  een euro kun je maar 1 keer uitgeven.  De gemeente Beernem investeerde deze bestuursperiode al fors in sport met de aanleg van een atletiekpiste en de nieuwe turn- en fuifzaal in Drogenbrood.   Ook VVC Beernem krijgt binnenkort een nieuw onderkomen ter vervanging van de huidige gebouwen die al meer dan een decennium tot op de draad versleten zijn. Terwijl bij de opmaak van de meerjarenplanning in 2013 aanvankelijk een bedrag van 300 000 euro was voorzien voor de bouw van nieuwe kleedkamers, herrijst er straks een nieuwe accommodatie met kleedkamers, berging, kantine én tribune met een prijskaartje van 1 700 000 €.   De aanleg van een kunstgrasveld zou  nog eens een investering betekenen tussen de 300 000 € en 400 000 €.
 

Dat neemt niet weg dat  de aanleg van  een kunstgrasveld en een verlichtinsinstallatie voor Sint-Joris  twee mogelijke realisaties worden na de volgende verkiezingen van 2018.  Zeker als Philipppe Muyters opnieuw  subsidies zou voorzien voor de aanleg van synthetische velden.    Ook de realisatie van een BMX-parcours behoort na de volgende verkiezingen in datzelfde opzicht tot de mogelijkheden.   Dat dit parcours er deze legislatuur niet is gekomen, was te wijten aan twee redenen. Allereerst was de aanleg niet opgenomen in het gemeentelijk meerjarenplan dat in 2013 werd opgesteld.  In dit plan legt een lokaal bestuur de lijnen van het beleid voor de komende jaren vast.  Het bestaat uit een inhoudelijk en financieel luik en daarbij komen we bij de tweede reden: wegens de andere  ‘sportinvesteringen’  waren er logischerwijze geen extra centen  beschikbaar.

 


Terug naar het krantenartikel want daarin stond nog ander interessant sportnieuws te lezen:   buurgemeente Oostkamp zal haar zwembad tegen 2030 gedeeltelijk renoveren en tegelijkertijd een visie ontwikkelen omtrent de toekomst van het bad.  Oostkamp kijkt daarbij over de gemeentegrenzen heen en plant gesprekken met Beernem voor de bouw van een nieuw zwembad.   Meer dan interessant nieuws als je weet  dat  Beernem  in april van dit jaar de bevestiging kreeg dat het 358 000 euro subsidies krijgt van Vlaams Minister van Sport Philippe Muyters voor de bouw van een nieuw zwembad.   De bouw van het nieuwe bad komt er in principe tijdens de volgende legislatuur.

 


Voor alle duidelijkheid: de kost van een nieuw zwembad in Beernem wordt momenteel geraamd op  6 000 000 euro. Dit betekent  dat onze gemeente zelf nog  5  432 000 € zal moeten ophoesten.   Ervaring leert echter dat de kostprijs van dergelijke sportinfrastructuur tot 30 % hoger ligt en dus mogelijk oploopt tot 8 000 000 euro.   Ter vergelijking:  tijdens deze legislatuur wordt in totaal 20 miljoen euro geïnvesteerd  in allle beleidsdomeinen.
Met andere woorden betekent  de bouw van een nieuw zwembad  een gigantische investering voor Beernem.  Er zijn ook amper nog gemeentes zijn die zelf een zwembad bouwen.  Uit cijfers van  ISB, het Vlaams Instituut voor Sportbeheer en Recreatiebeleid blijkt bijvoorbeeld dat in  2003 nog 69 % van de zwembaden beheerd werden door de gemeente of de provincie terwijl dit in 2012  al gezakt was tot 43 %. In het Beernemse zwembaddossier is een externe partner  dus onontbeerlijk.  Onze gemeente moet de uitgestoken hand van Oostkamp aannemen zodat  inwoners van Beernem én Oostkamp ook de komende jaren genieten van een eigen zwembad.