Dinsdag 22 oktober 2019

Verkiezingen 2019, nood aan langetermijnvisie

Geschreven door Eddy Persyn op 21-05-2019

Op 26 mei zijn er Vlaamse, federale en Europese verkiezingen. Debatten, praatprogramma’s, interviews, enz. zijn dagelijkse kost in deze electorale tijd. De partijen stellen hun partijprogramma’s voor die op voorafgaande congressen zijn bepaald en hun kandidaten gaan de boer op. Op sociale media zijn er ook de nodige politieke advertenties en via gewone post is er ook nog een en ander na te lezen. In de kranten laten de commentatoren en opinieschrijvers zich ook niet onbetuigd. Sommige kranten onderhouden constant een verkiezingsblog om zo de laatste nieuwtjes en evoluties in verkiezingsland te communiceren.

Een omvangrijke informatiestroom om, indien de kiezer geïnformeerd en bewust zijn stem wil uitbrengen, te lezen, interpreteren, vergelijken en te toetsen aan de eigen voorkeuren.

In deze beschouwing ga ik niet dieper in op de specifieke programma’s en voorstellen van de diverse partijen; eerder een soort vogelperspectief afgezet tegenover de langetermijnnoden die op ons af komen. Op televisie merk je, een uitzondering daargelaten, hoe alles compact wordt gebundeld wat eigen is aan het medium. In kranten die doorgaans een dieper en breder verhaal kunnen brengen, worden aangekondigde beleidsvoorstellen dieper geanalyseerd en vergeleken tussen de verschillende politieke partijen. Ongeacht het kanaal, wordt heel veel aandacht gegeven aan de korte termijn en aan acute problemen, wat ook noodzakelijk is om het draagvlak bij de bevolking voor toekomstig beleid te versterken. Maar toch mis ik de langetermijnvisie op een aantal domeinen, die onze maatschappij in de toekomst gaan vorm geven, maar waarvoor nu al beslissingen moeten worden genomen om in de toekomst niet hopeloos achter te lopen of zelfs ten onder te gaan. Al worden er geen definitieve beslissingen genomen, dient minstens de marsrichting te worden aangegeven en vastgelegd. Dan kan die met voortschrijdend inzicht verfijnd worden.

Enkele voorbeelden:

Onderwijs

Ons onderwijs staat het laatste jaar in de belangstelling om het eufemistisch uit te drukken. Veel schoolgebouwen zijn verouderd, al dient gezegd dat in de afgelopen legislatuur een sterke inhaalbeweging werd gedaan. Het chronisch tekort aan vernieuwing van de 25 voorafgaande jaren  kun je onmogelijk in één legislatuur wegwerken. Men kan bijna copy-paste doen op het onderwijzend personeel waar het tekort met de maand pijnlijker wordt; zowel in kleuter-, lager- en middelbaar onderwijs. Daar zijn een aantal redenen voor: teveel omkaderende taken, te weinig ondersteunend personeel, te weinig pedagogisch budget, te weinig erkenning, te ingewikkelde aanwervingsregels, om er enkele op te noemen. Daarbovenop de problemen die ouders ondervinden bij hun schoolkeuze, vooral dan in de steden, helpt natuurlijk ook niet.

Dan tenslotte de resultaten van het PISA-onderzoek die de kwaliteit van ons onderwijs vergelijkt met de andere OESO-landen. De resultaten van dit onderzoek voor Vlaanderen zijn nog altijd bovengemiddeld op Europees niveau. Maar er is een dalende trend merkbaar die op zijn minst reden voor bezorgdheid is en ingrijpen noodzakelijk maakt om de kwaliteit van ons onderwijs terug naar zijn vroeger niveau te brengen. Dit zijn de huidige dringende problemen. Maar er zijn nog veel grotere uitdagingen voor ons onderwijs die binnen de vijf à maximum 8 jaar acuut gaan worden op het niveau van hoger- en universitair onderwijs.  Dit heeft alles te maken met de snelheid van de technologische evolutie in geopolitiek perspectief.  (Een uitgebreid essay over het onderwijs in Europa volgt binnenkort).

Ik verklaar me nader. Tijdens het debatnamiddag van EURASHE, de overkoepelende Europese organisatie van hogescholen en universiteiten (meer dan 600 instellingen) in de gebouwen van het Europees Parlement, was de eensgezindheid onder de keynotesprekers en tijdens het aansluitend debat heel groot. Europa moet dringend stappen ondernemen om zijn hoger onderwijs naar een hoger en sneller niveau te tillen.  Prof. Ulf-Daniel Ehlers, vice-president of EURASHE en professor ‘Duale Hochschule Baden-Württemberg, Karlsruhe’, stelde in zijn keynote voorstelling dat alle afstuderende ingenieurs over 5 jaar genoodzaakt zullen zijn om 10 tot 15 opleidingssprongen te maken in de loop van hun carrière. Dit zal niet alleen van de studenten een gigantische aanpassing vragen, maar ook van onze opleidingsplatformen en bedrijven en onderzoekcentra. Dit alles in het kader van ‘Life long learning’.

Indien Europa en zijn lidstaten hier niet adequaat op inspelen zullen China, Zuid-Korea, India en de VS, om er maar enkele te noemen, hier hun voorsprong nemen. M.a.w. Europa zal op wereldvlak nog meer invloed en impact verliezen. 120 jaar geleden hadden de Europese landen een invloed van boven de 60% op wereldvlak, nu is dit minder dan 20%. Missen we hier de boot, dan wordt Europa als continent binnen de 15 jaar onbetekenend op wereldvlak. Dit met alle economische en maatschappelijke gevolgen van dien. Geografisch zijn we tenslotte slechts een aanhangsel van het euraziatische continent.

Global Warming

Global Warming is het volgende, heikele onderwerp. Heikel omdat sommige mainstreampartijen in een wijde bocht rond dit onderwerp heen zwemmen om niet te verdrinken; om een woordspeling te gebruiken. Het eerste en ogenschijnlijk belangrijkste punt bij de opwarming van de aarde is de stijging van de zeespiegel. Dit is inderdaad een belangrijk gevolg maar bij verre niet het enige. Volgens het IPCC en andere onderzoeksinstellingen (waarvan een paar zelfs gepubliceerd in ‘Nature’ en andere wetenschappelijke publicaties) is de opwarming reeds nu onomkeerbaar en kan alleen nog de gradatie van de opwarming en de daaruit voortvloeiende gevolgen beperkt worden. Levensgevaarlijk kantelpunt in de temperatuurstijging ligt tussen de 2 à 3 graden gemiddelde opwarming m.a.w. het ‘Klimaatakkoord van Parijs’ met de doelstelling van ‘2 graden maximum’ is de bovengrens van het toelaatbare.

Levensgevaarlijk is ook letterlijk te nemen gezien de ondergrens die de modellen berekenen - weliswaar nog steeds onvolledig maar naarmate de modellen verfijnd worden, blijkt de impact steeds hoger – een stijging van 2 meter projecteren tegen 2100 en een bovengrens van misschien wel 3 meter. Alleen het stopt niet in 2100! De gevolgen van de opwarming zullen, zelfs bij onmiddellijke stop van uitstoot van broeikasgassen, nog minstens vijf à zes eeuwen doorgaan, met een zeespiegelstijging van minimum 50 meter tot gevolg. Voor België zal de kustlijn dan ergens voorbij Brussel liggen!

Oorzaak: het kantelpunt. Dit is het moment waarbij de ijskappen onvermijdelijk volledig verdwijnen en de opgeslagen broeikasgassen in de permafrost volledig vrijkomen in de atmosfeer. Door het verdwijnen van de ijskappen zal de albedo van de aarde verlagen waardoor de zonnewarmte onze atmosfeer nog verder zal opwarmen door de sterk verlaagde reflectie van ons aardoppervlak.

Andere nog ingrijpender gevolgen zijn honger door lagere opbrengsten en mislukte oogsten (vanaf 2050 een mogelijke realiteit), het onbewoonbaar worden van het gebied tussen de keerkringen, extreme weersverschijnselen zoals orkanen en taifoens met een kracht vele malen hoger dan de krachtigste stormen die we in de laatste duizenden jaren hebben gezien (vanaf 2050 een mogelijke realiteit). Er is meer: gebrek aan zoet water, oncontroleerbare migratiestromen (slecht nieuws voor de identitaire partijen), rampen van onnatuurlijke omvang, stervende oceanen, economische ineenstorting …

Het lijkt wel het armageddon!

En dat is het ook als we niet ingrijpen en de politiek nalaat om een draagvlak bij de bevolking te creëren om een doeltreffend beleid op poten te zetten; op alle politieke niveaus.

De informatie komt oa. van: De Standaard, De Morgen, The Guardian, NASA, NOAA, EASAC, IPCC. (Een uitgebreid essay rond global warming volgt later).

Voedselvoorziening

Voedselvoorziening wordt bedreigd door vervuiling zoals plastics maar ook door het ongebreidelde gebruik van chemische middelen in de landbouw en voedselproductie. Onlangs vond Victor Vescovo tijdens de nieuwe recordduik in de Marianentrog op 10.928 meter … plastiek op de oceaanbodem. 90 procent van alle zeedieren bevatten plastics en/of microplastics. Nog niet zolang geleden spoelde een dode potvis, nu niet direct één van de kleinste zeedieren, met 29 kg plastiek in de maag! De inwendige organen werden hierdoor beschadigd en het dier stierf de hongerdood met een volle maag. Een regelmatige mosseleter, mosselen uit de Noordzee, krijgt gemiddeld 11.000 stuks microplastics binnen op jaarbasis.

We produceren een groot deel van onze voeding door middel van giftige chemicaliën; eigenlijk zijn we ons milieu en onszelf, via onze voeding, aan het vergiftigen. Denk maar aan glyfosaat, om er maar één uit te pikken. Ons milieu brengen we in sneltempo in gevaar door het kappen van ecosystemen ten voordele van palmolieplantages en sojabonenteelt om er maar twee te noemen.

De combinatie van Global warming en het ongebreidelde gebruik van chemische producten heeft nog een ander groter afschrikwekkend gevolg: de grootste extensiegolf onder de soorten sinds de ondergang van de dinosaurussen. Diverse onderzoeken en metingen komen telkens op hetzelfde resultaat: een vermindering van 75% van vliegende insecten in 27 jaar tijd. Die insecten zijn niet alleen de belangrijkste bestuivers van bloemen en planten maar ook een onvervangbaar onderdeel in de voedselpiramide. De mens staat helemaal bovenaan die voedselpiramide …

Energie

De onstuitbare honger naar energie is een ander onderwerp. Het gebruik van fossiele brandstoffen moet in ieder geval zo snel mogelijk stoppen om de broeikasgassen in onze atmosfeer onder controle proberen te krijgen. De productie van groene energie en het uitbannen van fossiele brandstoffen brengt een totaal andere economische methodiek. Volgens de recentste statistieken zijn er in de wereldwijde fossiele brandstofindustrie (olie, gas en steenkool) zo’n 8 à 10 miljoen rechtstreekse fulltimebanen en minstens het dubbele aan onrechtstreekse tewerkstelling. Dan zijn er nog de auto-industrie, de energiecentrales, de transportsector, de oliegerelateerde producten zoals o.a. plastics, enz. De verwevenheid in de volledige productiesector is enorm; dit maakt de uitdaging van de transitie naar groene energie en de afgeleide productiesystemen ook enorm. Naast Global Warming is dit de uitdaging van de 21ste eeuw. De landen die deze transitie succesvol gaan leiden zullen de nieuwe dominante geopolitieke spelers worden.

Het is beangstigend dat de meeste politieke partijen in Vlaanderen en bij uitbreiding in België en het gros van de Europese lidstaten, geen enkele langetermijnvisie klaar hebben of nog maar een begin van routeplan om onze economie te hervormen en zo in het wereldwijde koppeloton van de groene energie-economie te komen.

 

Dit zijn slechts vier voorbeelden, maar niet van de minste, waar een pijnlijk gebrek aan toekomstvisie bij de politieke partijen geëtaleerd wordt. Nog erger is het beeld dat door onze politici maar evengoed door onze media wordt ten toon gespreid: Vlaanderen is blijkbaar een eiland dat niet in een Belgische structuur zit, al evenmin in een Europese en al helemaal niet in een globale. De vier geschetste probleemgebieden zijn nochtans enkel beheersbaar op Europees niveau en van daaruit op globaal niveau. Als we binnen 10 tot 20 jaar als Europeaan ook nog maar iets zullen willen vertellen en bereiken op het geopolitieke wereldtoneel, is het nu al krap over twaalven.

 

Is bovenstaand een schrikbeeld? Heel zeker!

Hoeft het die richting uit te gaan? Helemaal niet of toch in een minder vernietigende vorm.

Is het beheersbaar? Zoals het er nu naar uitziet: neen. Door een bijna totaal gebrek aan ‘sense of urgency’ en het bijna totaal gebrek aan het gebruik van politiek kapitaal om een draagvlak bij de bevolking te creëren. Populistische en identitaire partijen zijn in deze materie ook geen winst gezien zij vooral macht en invloed op korte termijn willen bereiken; langetermijn-problemen belemmeren hen immers in hun race naar de uiteindelijke macht. Traditionele partijen hebben ontegensprekelijk boter op het hoofd omdat zij door hun klungelige aanpak en gebrek aan transparantie naar de bevolking toe, nog versterkt door het tekort aan erkenning en inspraak van diezelfde bevolking, draagvlak en betrokkenheid op steeds grotere schaal verliezen, zo de deuren openzetten naar populisten en identitairen.

Conclusie.

Indien we niet willen dat onze kleinkinderen en zeker achterkleinkinderen in een wereld zullen opgroeien en leven die een steeds dodelijker woonst zal worden, moet er nu ingegrepen worden. Iedere keer als de toekomstmodellen rond Global warming verfijnd en geüpdatet worden met nieuwe data, blijkt het alleen maar erger en erger te worden omdat wat er nu gebeurt, in de laatste 60 miljoen jaar niet is gebeurd. We kunnen het ‘kantelmoment’ op dit moment gewoonweg niet bepalen bij gebrek aan adequate data, maar dat het steeds dichterbij komt staat wel vast. Er zijn klimaatwetenschappers die dit ‘kantelpunt’ rond 2050 plaatsen. Het wordt hoogtijd dat onze politici en beleidsmensen zich gaan realiseren dat eenmaal dit punt voorbij, onze controle over de fysische, biologische en chemische processen ten gevolge van Global warming zo goed als volledig uit onze handen zal verdwijnen en overgenomen worden door de eigen dynamiek van de planeet Aarde. 

 

Begeleidende tekst Foto's:

Foto boven: beeld tijdens debatnamiddag in de gebouwen van het Europees Parlement van EURASHE waar de toekomst van het hoger- en universitair onderwijs werd belicht en becommentarieerd door sprekers uit de onderwijswereld en 'Life Long Learning' vanuit onderwijs en bedrijfswereld.

Foto bij Global Warming: de bodem van een stuwmeer, Enbalse de Ebro la Población in Spanje. Mijn opname standpunt hoort normaal drie tot vier meter onder water te staan. Een halve kilometer verder graasden een kudde paarden op de bodem. Een dergelijke begroeiing duurt minstens 3 tot 5 jaar zonder constante onderdompeling.

Foto bij voedselvoorziening: beeld van een stervende hommel in het natuurpark Bulskampveld.

Foto bij energie: de combinatie van waterkracht en windmolens. Het stuwmeer, Embalse de la Sotonera in de provincie Huesca in Spanje, staat echter maar op 25% van zijn capaciteit.